NekklachtenNek- en schouderklachten komen relatief vaak voor bij fietsers. De literatuur schat de prevalentie rond de 49%. De prevalentie van nekklachten en schouderklachten in de algemene Nederlandse bevolking bedragen bijvoorbeeld, respectievelijk 20,9% en 20,6%. De klachten bestaan doorgaans uit een zeurende pijn en stijfheid in de nek en/of schouderregio. Veelal zijn de klachten gelokaliseerd rond de aanhechtingen aan de bovenzijde van het schouderblad, tussen de schouderbladen en de schedel. In sommige gevallen ontstaat er uitstraling en/of tintelingen in een of beide armen en/of handen. De oorzaken voor het ontstaan van deze klachten kunnen we onderscheiden in: - Niet adequate ingestelde zitpositie
- Reeds bestaande klachten:
Niet adequaat ingestelde zitpositie:
Een niet optimaal ingestelde stuurpositie, kan nek- en schouderklachten veroorzaken. Dit kan tot klachten op wervelniveau leiden. Maar ook wordt de betrokken musculatuur in een dermate ongunstige positie gebracht, dat deze niet voldoende kracht kunnen leveren, of deze ongunstg kan worden toegepast. Dit leidt tot overbelasting van de musculatuur, wat op z’n beurt weer tot klachten kan leiden. Een te breed stuur kan eveneens tot nek- en schouderklachten leiden. Door het te ver naar buitenplaatsen van het steunvlak, wordt de musculatuur eveneens in een ongunstige positie gebracht. Hierdoor moet meer energie in het ondersteunen van het bovenlichaam worden gestoken dan noodzakelijk. Denk hierbij maar eens aan het doen van een push-up met een brede en een smalle handplaatsing.
Reeds bestaande klachten: Het leven bestaat (helaas) niet alleen uit fietsen. Nek en schouderklachten komen in het dagelijkse leven ook veel onder niet fietsers voor. Denk hierbij maar eens aan werkgerelateerde nek- en schouderklachten (RSI), hernia’s, slijtage, artrose, en reumatische klachten. Deze hoeven niet direct hun oorsprong te vinden in de fietshouding. Men kan uiteraard wel de fietshouding, zo instellen dat de klachten zo min als mogelijk worden geprovoceerd. |